Catharinahof en klantenbinding

Jarenlang is de bloedafnamepost in de huisartsenpraktijk mijn domein geweest. In een eerdere column heb ik jullie ooit deelgenoot gemaakt van ‘de schreeuw van die ene stoel’ in die wachtkamer. De stoel, die mij steeds in verwarring brengt door de, in het oog springende, tekst dat hij op het punt staat te verdwijnen.

Waarom ik u hieraan herinner? Tot mijn verbazing en zonder enige mentale voorbereiding kreeg ik een telefoontje van een CWZ-verpleegkundige dat ik, door de veranderingen in de loop van de gezondheidszorg, de loop van mijn bloedprikritueel moet aanpassen. Haar vriendelijke verzoek: voortaan mijn bloed af laten tappen in Catharinahof. Om mezelf een hart onder de riem te steken maak ik me wijs dat het voor dè stoel en mij een bevredigende oplossing is.

Vol goede moed naar mijn nieuwe prikpost. Stel u voor: 2 rijen stoelen, zonder armleuning, tegen een doorlopende muur die halverwege een halve meter verspringt. Het noodlot slaat pijlsnel toe. Ik wil plaats nemen op de eerste stoel die tegen het naar voren springende gedeelte van de muur staat. Mijn rechter bil is heel gehoorzaam en neemt plaats waar ik wil maar de linker laat me in de steek en neemt plaats in de loze ruimte. U ziet het al voor u? Daar zit ik dan: op de grond! Vóór de open deur van de prikpost met in het verlengde van de gang een geschrokken bewoner die luid en duidelijk constateert: ”U kunt gelukkig zèlf opstaan!” Mijn eerste schrikgedachte: topkamer vrij?

Dit bericht is geplaatst op 31 maart 2015 om 08:34 en zit in de categorie Column CG.

Laat je reactie achter